Hebzucht is uit, empathie is in
(Frank Verborg 22-8-2011)
Het héle verhaal. Over wat mensen drijft.
Hebzucht of empathie? Wat is de motor achter het menselijke gedrag? Op welke peiler is onze samenleving gebouwd? Frans de Waal zoekt het antwoord in de evolutie. Decennia lang al observeerde hij het gedrag van apen en andere zoogdieren. Hij bestrijdt dat de dierenwereld louter geregeerd wordt door het recht van de sterkste. Om te overleven heeft de natuur mensen en andere diersoorten namelijk ook uitgerust met een sociaal instinct: empathie. De Waal schreef een schitterend boek: ‘Tijd voor Empathie’, met veel voorbeelden uit de dierenwereld en de grote mensenwereld. Onmisbaar voor wie wil weten wat mensen en dieren drijft.
1. Egoïsme of altruïsme?
Worden mensen gedreven door egoïsme of altruïsme? Deze vraag is onderwerp van een permanente ideologische strijd. Het debat hierover is sterk gepolariseerd. Beide partijen beroepen zich op de evolutietheorie en gaan ervan uit dat in de dierenwereld slechts het recht van de sterkste geldt. “Daarom moeten we de samenleving ook zó inrichten”, zegt de de een. “Nee”, zegt de ander, “hulpvaardigheid onderscheidt juist de mens van het dier en daarom moeten mensen solidair zijn”.
Beide partijen miskennen de ware aard van dieren, schrijft Frans de Waal. Het gedrag van apen, olifanten, ratten, vampiervleermuizen en poetsvissen bijvoorbeeld wordt niet alleen gekenmerkt door hebzucht en strijd, maar ook door inlevingsvermogen en hulpvaardigheid. Om te overleven heeft de evolutie deze dieren uitgerust met empathie.
Sommigen, zoals de invloedrijke Amerikaanse econoom Friedman, pleitten voor ongebreidelde marktwerking, op basis van de verkeerde veronderstelling dat in de natuur alleen het recht van de sterkste geldt. Alan Greenspan, jarenlang voorzitter van de Federal Reserve in Amerika, bleef geloven dat onbelemmerde concurrentie van de markt vanzelf leidt tot de beste uitkomsten voor de gemeenschap. Totdat hij, tot zijn eigen ontsteltenis, door de bankencrisis van 2008 van zijn geloof afviel.
Dat een economie gebouwd op hebzucht tot de beste uitkomsten voor de gemeenschap leidt, gelooft niemand meer, zegt De Waal. Mensen als Friedman en Greenspan met hun geloof in de survival of the fittest verwijt hij selectief winkelen.
2. Groepsdieren vertonen sociaal gedrag
Zoogdieren zijn groepsdieren, die investeren in goede onderlinge verhoudingen samen. Zo gaan chimpansees elkaar na een ruzie vlooien om te voorkomen dat het conflict uit de hand loopt. Wolven werken samen bij de jacht zodat ze een groter hert kunnen vangen. En kapucijnapen werpen de komkommerschijfjes, die ze normaal gesproken heel lekker vinden, boos weg als blijkt dat een collega-aap voor eenzelfde karweitje de nog lekkerder druiven krijgt toegestopt. Kapucijnapen hebben gevoel voor eerlijk delen.
Het gedrag van mensen en dieren verschilt niet wezenlijk. We stammen immers af van zoogdieren die in groepsverband leefden. En de evolutie neemt geen grote sprongen. “De giraf heeft een lange nek, maar het is nog steeds een nek”, aldus De Waal. Hij wijst bijvoorbeeld op de overeenkomst tussen het rechtvaardigheidsgevoel van de kapucijnapen en dat van proefpersonen die meedoen aan het befaamde ultimatumspel.
Bij een oneerlijke behandeling komen mensen net zo in opstand als apen. Net zoals de kapucijnapen weigeren ook de proefpersonen in het ultimatumspel waarbij tien euro volgens een bepaalde procedure over twee personen wordt verdeeld, resoluut het geld af als de verdeling te veel in hun nadeel uitvalt.
Hersenscans laten zien dat ongelijkheid en onrechtvaardigheid zowel bij apen als mensen boosheid oproepen. De moraal van ‘eerlijk delen’ verwoordt slechts wat biologisch in onze genen ligt opgeslagen. De natuur laat sociaal gedrag niet aan het toeval over.
3. Empathie is een lichamelijke reflex
Empathie is een lichamelijke reflex, die we gemeen hebben met andere dieren. “Niemand is emotioneel immuun voor de situatie waarin een ander verkeert”, schrijft De Waal. Dat is de belangrijkste stelling die hij in zijn boek verdedigt, met een keur aan voorbeelden.
Het mechanisme van de empathie is meer dan honderd miljoen jaar oud en zit diep verankerd in ons brein. We kunnen deze biologische reflex wel onderdrukken door bijvoorbeeld ons gezicht af te wenden van andermans leed. Maar de primaire en natuurlijke reactie van mensen en andere diersoorten bij het zien van soortgenoten is empathie.
Empathie is een gelaagd verschijnsel. De Waal onderscheidt drie lagen. (1) Inleven: de een neemt de gemoedstoestand van de ander over. (2) Meeleven: anderen troosten. (3) Gerichte hulp: de situatie van de ander verbeteren. Hij stelt empathie voor als een Russiche pop. De kern daarvan (inleven) bevindt zich binnenin en is een geautomatiseerd proces, zoals bijvoorbeeld ook onze ademhaling of bloedsomloop automatisch verlopen. Daarover heen zijn de verfijndere lagen gelegd van meeleven en gerichte hulp.
4. Inleven en synchroon handelen
Het inleven verloopt onbewust. De spiegelneuronen in het brein lijken hier een belangrijke rol te spelen. Als aap A de beweging van aap B observeert, lichten in beide hersenen dezelfde neuronen op. Alsof aap B zelf die beweging gemaakt zou hebben. “De lichamen praten met elkaar”, aldus de Waal.
Deze lichamelijke communicatie leidt er toe dat als de één geeuwt, verdrietig of angstig is, de ander ook geeuwt, verdrietig of angstig wordt. Lichaamshouding, gedrag en emoties zijn besmettelijk. De Waal benadrukt dat dit basale inleven in de ander zich voltrekt buiten het denken om. Het is géén cognitieve of morele afweging.
Door de automatische informatie-uitwisseling via het lichaam kunnen bijvoorbeeld honderden spreeuwen als één organisme door de lucht zwermen. Ratten beleven zelf pijn als ze zien dat een andere rat pijn heeft. En apen zijn zeer bedreven in het ‘lezen’ en tot in detail na-apen van soortgenoten. De gezichtsspieren van de één, beïnvloeden die van de ander waardoor in een fractie van een seconde dezelfde emotie wordt opgeroepen.
Mensen en dieren blinken uit in fysiek synchroon handelen en beleven daar ook plezier aan. Wie kent niet de dansende massa’s in discotheken, de wave in het voetbalstadion of het opzwepende scanderen van leuzen bij protestdemonstraties waardoor de groep zich één voelt en sterk.
Synchroon handelen bevordert de onderlinge band en een onderlinge band leidt omgekeerd tot synchroon handelen. Een verschijnsel dat we kennen van kinderen die het gedrag van hun ouders na-apen.
Door het mechanisme van de empathie kan men elkaar ook bliksemsnel wijzen op gevaar. De dove moederaap die op haar kind ging zitten omdat ze het gepiep van haar jong niet kon horen, werd door de angstige mimiek van haar omgeving snel attent gemaakt op de ongelukkige kleine.
5. Troost en gerichte hulp
Bij sommigen dieren zoals ratten gaat de empathie niet verder dan de eerste laag. Ze hebben een hekel aan het lijden van anderen omdat ze via de emotionele besmetting zelf pijn lijden. Maar bij de hogere zoogdieren zoals olifanten, walvissen, dolfijnen en mensapen bereikt de empathie het tweede niveau. Deze dieren troosten elkaar. Door aaien, huidcontact en nabijheid verlagen ze de stress en hartslag van hun ongelukkige soortgenoten.
Het derde empathieniveau wordt bereikt door dieren die zich inspannen om de netelige situatie waarin de ander verkeert op te lossen. Zo staan walvissen er bijvoorbeeld om bekend dat ze zich tussen de boot van de walvisvaarder en de aangeschoten soortgenoot gaan zwemmen om het ongelukkige dier te beschermen.
Er zijn zelfs dieren die dit derde empathieniveau uitbreiden tot niet-soortgenoten. Mannetjesapen bijvoorbeeld die eendjes de vijver in duwen om hen te beschermen tegen het wilde spel van jonge apen. Of dolfijnen die mensen te hulp te schieten die aangevallen worden door haaien.
6. Empathie berust op identificatie
Identificatie met de ander is een essentiële voorwaarde en het biologische mechanisme kan uitgeschakeld worden. Dat empathie automatisch verloopt, slaat op de snelheid en het onbewuste karakter van het mechanisme. Niet op het onvermogen om haar buiten werking te zetten.
Zo is het maar goed dat verpleegkundigen op de spoedeisende hulp hun empathie kunnen uitschakelen om de pijnlijke ingrepen te verrichten. En kijkers naar geweldfilms zouden er geen plezier aan beleven als ze zich zouden identificeren met de slachtoffers van hun held. Ze beschouwen de slachtoffers als ‘niet één van ons’. Bij marteling en genocide is het ontmenselijking een noodzakelijke tactiek.
Maar gemakkelijk is het niet voor mensen om de biologische empathie buiten werking te stellen. De meeste mensen vinden het moeilijk anderen leed toe te brengen. Zelfs voor soldaten is het een traumatische ervaring op de vijand te schieten.
“Alleen zij die nooit een schot hebben gelost en nooit het gegil en gekreun van de gewonden hebben gehoord, schreeuwen luid om bloed wraak en verwoesting. Oorlog is een hel”, citeert De Waal een generaal.
Het is een hel juist omdat de natuur ons uitgerust heeft met een mechanisme waardoor wij zelf pijn ervaren als anderen pijn lijden. Bij soldaten die graag schieten of bij koelbloedige moordenaars, zoals Andres Breivik, lijkt de kern van de Russische pop te ontbreken.
7. Wat voor dieren zijn wij?
In de opleidingen van economen, juristen, managers en onder politici leeft de diepgewortelde opvatting dat wij in diepste wezen competitieve dieren zijn, zegt De Waal. Hij bestrijdt deze ideologische blindheid: “Wie een onderlinge band afschildert als onnatuurlijk redeneert in strijd met de recente inzichten uit de gedrags- en neurowetenschappen.”
Het vastlopen van het casino-kapitalisme in 2008, de verruwing in het maatschappelijke verkeer en de toenemende haat van gefrustreerde mensen tegen iedereen die anders is, vereist een andere politiek. Gedragsbiologen moeten volgens De Waal hieraan bijdragen door het héle verhaal te vertellen over de menselijke natuur.
Dieren worden voortbewogen door concurrentiestrijd om voedsel, partners en territorium. Maar de natuur heeft dieren ook uitgerust met een sociaal instinct. Humaniteit is daardoor niet afhankelijk van de grillen van politiek, cultuur of religie, zegt De Waal uitdagend. Dat is hoopvol, want: “ideologieën komen en gaan, maar de menselijke natuur blijft.”
© Frank Verborg – NPI
22 augustus 2011
Frans de Waal (2009). Een tijd voor Emapthie; wat de natuur ons leert over een betere samenleving. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Contact.
[oorspronkelijke titel: The age of empathy; nature's lessons for a kinder society.]


